Brancheinformatie en cijfers havo en vwo
Branchecijfers havo en vwo
Hier treft u informatie aan over aantal bedrijven voor de branche havo en vwo (SBI code: 85.31.1). De cijfers zijn gebaseerd op onderzoeken van het CBS, belastingdienst en brancheorganisaties. Deze zijn verder verrijkt en toegankelijker gemaakt. Als lid kunt u de laatst beschikbare cijfers raadplegen na inloggen. Deze branche valt onder algemeen vormend voortgezet onderwijs (SBI code: 85.31).
Meer exploitatiecijfers zijn wellicht beschikbaar voor bovenliggende branche algemeen vormend voortgezet onderwijs (SBI code: 85.31).
Kengetallen financieel
Voor deze bedrijfstak zijn de financiële kengetallen niet geïsoleerd beschikbaar. Bezoek voor de financiële kengetallen ook het rapport voor Branchecijfers Algemeen vormend voortgezet onderwijs (85.31).
Havo en vwo Trends
Havo- en vwosecundaire scholen verzorgen onderwijs voor adolescenten in Nederland. Het havo richt zich op leerlingen van 12-17 jaar met een praktischer inslag, terwijl vwo (atheneum, lyceum, gymnasium) leerlingen van 12-18 jaar voorbereidt op wetenschappelijk onderwijs. Scholen financieren zich grotendeels via rijksbijdragen en onderwijsbudgetten. De onderwijsmethoden verschuiven naar meer individualisering en differentiatie, waarbij docenten steeds vaker gebruik maken van digitale leermiddelen. Klassengrootte, onderwijskwaliteit en examenresultaten bepalen de aantrekkingskracht voor leerlingen. Scholen concurreren om inschrijvingen en hebben te maken met fluctuaties in leerlingenaantallen, personeelsuitval en stijgende operationele kosten.
Trend aantal bedrijven havo en vwo
Trend bedrijven
De grafiek trend bedrijven havo en vwo geeft de ontwikkeling van het aantal bedrijven weer van 2007 tot 2025. Het aantal bedrijven is hetzelfde gebleven als in 2007KW04.
In het eerste kwartaal van 2026 is het aantal bedrijven 80.
Algemene trends Havo en vwo
Havo- en vwosecundaire scholen verzorgen onderwijs voor adolescenten in Nederland. Het havo richt zich op leerlingen van 12-17 jaar met een praktischer inslag, terwijl vwo (atheneum, lyceum, gymnasium) leerlingen van 12-18 jaar voorbereidt op wetenschappelijk onderwijs. Scholen financieren zich grotendeels via rijksbijdragen en onderwijsbudgetten. De onderwijsmethoden verschuiven naar meer individualisering en differentiatie, waarbij docenten steeds vaker gebruik maken van digitale leermiddelen. Klassengrootte, onderwijskwaliteit en examenresultaten bepalen de aantrekkingskracht voor leerlingen. Scholen concurreren om inschrijvingen en hebben te maken met fluctuaties in leerlingenaantallen, personeelsuitval en stijgende operationele kosten.